Reukstoornis

Inleiding

In Nederland hebben naar schatting een kleine 300.000 mensen een reukstoornis.
U leest hier over de soorten reukstoornis, de oorzaken, onderzoek van reukstoornissen en de mogelijke behandeling.

Osmie betekent ruiken; dit is handig om te weten als u een diagnose van uw KNO-arts krijgt.

Hoe gaat ruiken

De luchtstroom door onze neus gaat voor 90% over de bodem en de resterende 10% gaat hoger door de neus waar het reukslijmvlies zit. Reukzenuwuiteinden (2) beginnen daar in het reukslijmvlies en gaan door kleine gaatjes in de schedelbasis (3) naar de reukzenuw (1), die op de schedelbasis naar achteren loopt. Deze reukzenuwuiteinden zetten geuren om in elektrische signalen.
De reukzenuwen (links en rechts) verlopen over de schedelbasis naar onze hersenen waar de elektrische signalen door de hersenschors worden omgezet in een reuksensatie.

Ook via de achterkant van de neus worden geuren vanuit onze mond opgevangen boven in de neus, zodat ons voedsel – door onze reuk – een verfijning in smaak krijgt.

Soorten reukstoornis

Wij onderscheiden meerdere soorten reukstoornissen:

  • anosmie (“an” betekent niet)

Bij anosmie ruikt u helemaal niets meer.

  • hyposmie (“hypo” betekent weinig)

Bij hyposmie is het reukvermogen verminderd.

  • kakosmie (“kakos” betekent lelijk)

Kakosmie houdt in dat sommige geuren als stinkend worden ervaren, terwijl ze dat voor anderen niet zijn.

  • parosmie (“para” betekent naast)

Bij parosmie ruikt u sommige (of alle) geuren anders dan voorheen.

Oorzaken reukstoornis

De meest voorkomende reukstoornissen zijn hyposmie en anosmie, waarbij de KNO-arts twee belangrijke oorzaken onderscheidt:

  • geleidingsreukstoornis (de reukprikkels kunnen niet bij de reukzenuw komen in de neus)
  • perceptieve reukstoornis (er is een beschadiging van het reukzenuwgedeelte).

Geleidingsreukstoornis

Anosmie en hyposmie kunnen ontstaan als er geen reukprikkel in de neus op het reukslijmvlies kan komen, bijvoorbeeld door een

  • verkoudheid (zwelling van neusslijmvlies beperkt de doorgang),
  • bacteriële ontsteking in de neus(bijholten) (ook zwelling van neusslijmvlies),
  • allergie (ook zwelling van neusslijmvlies),
  • een scheefgegroeid neustussenschot (reukprikkel kan het reukslijmvlies niet optimaal bereiken) of
  • neuspoliepen (de poliepen zitten voor het reukslijmvlies in de weg).

Perceptieve reukstoornis

Wanneer de reukzenuwuiteinden en/of de reukzenuw beschadigt, spreken wij van een perceptieve reukstoornis.

Het is goed om u te realiseren dat na het veertigste jaar de reuk geleidelijk afneemt. Vrouwen ruiken overigens meestal beter dan mannen.

Een beschadiging van reukzenuwweefsel ontstaat bijvoorbeeld door:

  • een zenuwontsteking (eigenlijk altijd viraal, bijvoorbeeld een verkoudheidsvirus),
  • schedelbasisbreuk (met doorsnijding van de reukzenuwuiteinden),
  • hersenschudding (door zwelling in de zenuw),
  • inademen van giftige stoffen (beschadiging reukzenuwuiteinden),
  • bestraling van het hoofd-halsgebied (beschadiging reukzenuwuiteinden) en
  • een tumor (in of tegen de reukzenuw aanliggend).

Roken

Roken geeft ook een vermindering van de reuk (hyposmie). Hoe langer en hoe meer u heeft gerookt, hoe langer het duurt voordat de reuk weer hersteld is.

Zeldzame oorzaken van reukstoornissen

Soms is er bij epilepsie, HIV-seropositiviteit, het syndroom van Korsakov, de ziekte van Huntington, het syndroom van Down, de ziekte van Alzheimer en de ziekte van Parkinson ook zenuwschade.

Onderzoek bij reukstoornis

De KNO-arts zal met u proberen te achterhalen wat de oorzaak kan zijn van het reukprobleem en neusonderzoek doen in de spreekkamer. Vaak is het nodig om ook radiologisch onderzoek te doen (CT-scan). De afspraak voor een CT-scan wordt meestal gecombineerd met direct ook een afspraak bij de KNO-arts, zodat meestal in twee consulten duidelijk is wat er aan de hand is en of behandeling mogelijk is.

Behandeling reukstoornis

Meestal heeft de huisarts u al behandeld met neussprays om het slijmvlies in de neus zo rustig mogelijk (lees: niet gezwollen) te maken en zo een geleidingsreukstoornis op te heffen. Helpt dit niet na 3-6 maanden dan wordt vaak de KNO-arts gevraagd meer onderzoek te doen.

Als er sprake is van belemmering in de neus, zoals bij allergie, ontsteking of poliepen, dan zal de KNO-arts u informeren hoe dit probleem kan worden behandeld. In principe is een geleidingsreukstoornis (belemmering) een oplosbaar reukprobleem. Echter soms bestaat dit probleem al zolang dat de reukzenuw al blijvend beschadigd is. Dit is dan vaak door een (verkoudheids)virus veroorzaakt. Gelukkig zal – soms zelfs na twee jaar – de reuk toch weer verbeteren.

Beschadiging van de reukzenuw bij doorsnijding (schedelbasisbreuk) is niet te behandelen.

Literatuur

Er zijn veel boeken te koop over dit probleem met handige aanwijzingen hoe daar dan mee om te gaan, bijvoorbeeld:

Algemene uitleg over dit probleem leest u op KNO.nl en reuksmaakstoornis.nl. Er bestaat ook een zeer goede patiëntenvereniging.